Een brandstoftank monteren
Controleer de maten en monteer een kunststof brandstoftank van 25 liter op het achterste deel van het platform. De afgebeelde originele vorm kan een stalen tank vervangen wanneer de aansluitingen en bevestigingen bij de auto passen. Deze gids beschrijft montage op een toegankelijk platform.
Moeilijkheid: 1/3 voor de afgebeelde montage · Richttijd: 30 minuten · Personen: 1. Verwijderen van een oude tank en vrijmaken van de carrosserie zijn niet in deze tijd opgenomen.
Maten en uitvoering controleren
| Gegeven | Waarde |
|---|---|
| Inhoud | 25 liter |
| Bovenste aangegeven afstand tussen bevestigingszones | 43 cm |
| Langsmaat van het tanklichaam volgens bovenaanzicht | 39 cm |
| Afstand tussen onderste bevestigingssleuven | 26,5 cm |
| Hoogtemaat volgens zijaanzicht | 19 cm |
| Aangegeven maat vulhalsaansluiting | 5,5 cm |


Volg de pijlen in de tekeningen: de vulhals steekt buiten het tanklichaam uit. Controleer op de auto voldoende ruimte voor hals, koppelmof, vlotter en leidingen. De maten zijn geen boormal.
Onderdelen en gereedschap
Voorzie de passende tank (1010100), vier kunststof montageringen (1010108), juiste bevestigingsbouten en ringen, een passende tankvlotter met afdichting, brandstofslang (1010210), twee klemmen 07–11, geschikte elektrische draad en kabelschoenen. Voor de getoonde opbouw zijn achteraan twee M7 × 30 mm-bouten met contactringen van 7 mm nodig, rechts een M7 × 20 mm-bout en links een M7 × 30 mm-bout die ook voor het massapunt wordt gebruikt.




Gereedschap: ratel met verlengstuk en dop 11 mm, passend gereedschap voor de bouten en M7-moer, dop 7 mm voor de getoonde slangklemmen, vijl voor het massapunt, kabelstripper en geschikte krimptang. Voorzie bij een ingebouwde auto veilige ondersteuning en brandstofbestendige opvangmiddelen.
Werk aan een koude auto, zonder open vuur of vonken, met goede ventilatie. Koppel de accu veilig los en maak leidingen alleen los met geschikte opvang en afsluiting. Ook een lege gebruikte tank kan brandbare damp bevatten. Vermijd slijpen, boren en vonkvorming nabij tank of brandstof. Werk nooit onder een auto die alleen op een krik rust.
1. Platform en massapunt voorbereiden
Zoek de tankpositie achter op het platform en de twee schroefdraadgaten in de achterste dwarsbalk. Controleer draad en bevestigingslippen op beschadiging. Maak op de linker zijlip A een schoon metalen contactvlak voor de massa van de tankvlotter. Voer dit uit voordat de tank en brandstofleidingen worden geplaatst en verwijder het slijpsel.




2. Achterste bevestigingen voorbereiden
Voorzie elk van de twee M7 × 30 mm-bouten van een contactring van 7 mm en twee kunststof ringen in de getoonde volgorde. Draai de bouten ongeveer vier schroefdraadgangen in de achterste dwarsbalk. Laat voldoende ruimte om de tanksleuven ertussen te schuiven.






3. Tank tussen de kunststof ringen plaatsen
Breng de tanksleuven bij de voorbereide bouten. Schuif iedere tankrand tussen de twee kunststof ringen, zodat hij aan beide zijden beschermd is. Herhaal bij de tweede bout. Draai beide met verlengstuk en dop 11 mm aan, maar zet ze nog niet definitief vast.







4. Zijbevestigingen monteren
Bevestig de rechter tankrand van onderaf met de M7 × 20 mm-bout aan de rechter zijlip. Bevestig links met de M7 × 30 mm-bout. Controleer de ligging van de tank en zet daarna ook de twee achterste bouten definitief vast volgens de passende voorschriften. Vervorm de kunststof rand niet door overmatig aantrekken; een numeriek aanhaalmoment is hier niet opgegeven.








5. Vlotter en brandstofleiding aansluiten
Monteer de passende vlotter met de juiste afdichting in de centrale tankopening. Zie ook de handleiding voor de brandstofmeter en tankvlotter.
Plaats bij de afgebeelde montage 10 cm brandstofslang op de uitgaande aansluiting. Zet de eerste 07–11-klem met dop 7 mm vast. Schuif de tweede klem over de slang, steek de vaste brandstofleiding in de slang en zet ook die klem vast. Controleer dat de slang voldoende over beide aansluitingen zit en niet geknikt of onder trekspanning staat.







6. Massaverbinding aanleggen
Maak de getoonde massadraad van ongeveer 30 cm, met een passende vrouwelijke vlakstekker aan het ene uiteinde en een ringkabelschoen aan het andere. Gebruik geschikte draad en degelijk gekrompen aansluitingen.
Plaats de ringkabelschoen op de linker bevestigingsbout bij het voorbereide metalen contactvlak. Monteer de borgring en M7-moer en zet de verbinding stevig vast. Sluit de vlakstekker aan op de massa-aansluiting van de tankvlotter; verwar deze niet met de signaalaansluiting. Controleer de elektrische verbinding en bescherm het massapunt tegen corrosie zonder isolerend materiaal tussen de contactvlakken.









7. Montage afronden
Controleer de vulhals, passende verbindingsmof, afdichting en klemmen voor uw model. De vulhals van de 2CV en die van de Méhari verschillen. Sluit alle benodigde leidingen en de signaaldraad van de brandstofmeter volgens de juiste voertuiguitvoering aan.


Eindcontrole vóór gebruik
- Alle vier bevestigingspunten zitten goed; de achterste tankranden liggen tussen de kunststof ringen.
- De tank zit zonder spanning en raakt geen scherpe of bewegende delen.
- Vlotterafdichting, slangverbindingen, vulhals en klemmen zijn passend en dicht.
- De massaverbinding is goed en de bedrading ligt beschermd.
- Vul eerst een kleine hoeveelheid brandstof en controleer zorgvuldig op lekkage voordat u verder vult of start.
- Controleer na veilig herstel van de accuaansluiting de werking van de brandstofmeter.

